81 jaar geleden

Vorig jaar rond deze tijd las ik over de hibakusha. Vertaling: de getroffenen van de atoombom. Het is vandaag 81 jaar geleden dat Hiroshima werd geraakt door ‘Little boy’. Op 9 augustus 1945 viel ‘Fat man’ op Nagasaki. De manga en anime Barefoot gen heeft deze gebeurtenissen geconstrueerd. Ieder jaar zie ik een clip uit de anime voorbijkomen waarin je de bom ziet vallen en de nasleep op de grond.

Van vorig jaar herinner ik me dat mijn ogen op het beeldscherm van de laptop geplakt bleven. Meeste overlevenden hebben er weinig over gesproken. Wat er wel over is geschreven, getekend en gezegd is indringend. Er zijn boeken vol tekeningen ingescand. Voor een weergave, kan ik het interview hieronder aanraden. Nishioka Hiroshi is op het moment van het interview 92 jaar oud en maakte de atoombom in Nagasaki mee. Hij heeft een kristalheldere verwoording voor wat hij meemaakte. Daarnaast beschrijft hij de verklaring die eraan voorafging. (Klik op de afbeelding om naar Youtube te gaan.)

De rest van de dag zat mijn hoofd vol. Ik probeerde de verhalen te archiveren. Dat is te zien in de database die ik gebruik voor aantekeningen. Het werden er nogal veel. Dit is het punt waarop toegepaste filosofie me helpt. Dit jaar sta ik stil bij de atoombommen door kraanvogels te vouwen. Engaged knowledge door te doen-denken, in plaats van er alleen over te denken.
Duizend kraanvogels: senbazuru, werden gevouwen door Sadako Sasaki, die na de bom op Hiroshima leukemie kreeg. Ze vouwde duizend kraanvogels in de hoop op herstel. Volgens de mythe worden kraanvogels duizend jaar oud. Een streng van duizend kraanvogels zijn hiermee het teken van gezondheid en vrede geworden. In het Hiroshima peace memorial museum kun je zelf een kraanvogel aan de collectie toevoegen. In plaats daarvan vouw ik er nu eentje aan mijn bureau.

Klik op de afbeelding voor een tutorial om er zelf een te maken. Het enige dat je nodig hebt is een vierkant blaadje en de wil om de tutorial twintig keer te pauzeren om te zien wat er nou precies gebeurde.


Aarde 2

Wat als er een tweede aarde was? Vergelijkbaar met onze aarde en op ruimtereisafstand.

Wij weten van hun bestaan nadat we Aarde 2 achter een ster vonden. Maar zij weten niet van ons bestaan af. Hoe onze astronomen dit hebben gemist, geen idee. Nu we het weten wordt het wereldnieuws.

Al snel volgt er speculatie over ‘wat nu?’ 2 is aanreisbaar, dus kunnen we op bezoek. Maar mocht deze aarde verder zijn in ontwikkeling, biologisch of technologisch. Dan zou dat slecht kunnen uitpakken voor ons. Wat volgt is een periode van monitoring. Op afstand houden we 2 zo goed mogelijk in de gaten.
Intussen bereiden wereldmachten zich voor door onderzoek en techniek te ontwikkelen in het geheim. Naarmate de tijd verstrijkt neemt het ongeduld op aarde toe. Als 2 ons ontdekt en ze blijken verder ontwikkelt, dan gaat onze voorsprong eraan. Hebben we wel garantie dat ze niet al van ons bestaan afweten? De spanning op onze aarde neemt toe. Wereldmachten willen hun macht en grondstoffen wel uitbreiden. Klimaatoptimisten hopen dat we gezamenlijk tot een leefbare toekomst komen. Op 2 zijn er mogelijk al oplossingen bedacht.
Alle mogelijke scenario’s worden openlijk in de media ter discussie gesteld. Speltheorie wordt aangehaald. Het prisoners dilemma wordt als voor- en tegenargument gebruikt. Aarde 2 komt in het curriculum op scholen.
Naarmate de discussie langer duurt, neemt ook de druk toe. Met als gevolg dat onze aardse oorlogen nog gevoerd worden, maar eerder symbolisch in plaats van op 100%.

We kunnen niet riskeren dat we worden aangevallen. We openen de aanval op Aarde 2.

Naast een marine, lucht- en landmacht hebben we een internationale ruimtemacht. De energie die in oorlogen werd gestoken, verschuift naar de interaardeoorlog.

Vanaf hier gaat het snel. Schepen en raketten zijn onderweg. Enkele momenten tot impact. En als het eenmaal gebeurt is het stil.

Er is geen geluid. Geen explosie. Geen afweer.

Enkel een hologram die klapt als een luchtbel. De aanval vliegt er doorheen. Adem op aarde 1 wordt collectief ingehouden. Wat betekent dit? Alles lijkt voor niets geweest. Althans, voor ons. Langzaam daalt het besef dat er geen aarde 2 is, op deze plek. De aarde 2 die we zagen is volledig gefabriceerd. Er is dus wel een 2, alleen niet hier en waarschijnlijk niet in de hoedanigheid die we bestudeerden. Wat betekent dit voor ons? We hebben zojuist laten zien hoe we met een tegenaarde omgaan. Hoe we ontwikkelen en tot besluiten komen. Wat we doen ook als we niet bedreigd worden. We hebben een probleem.

Dit hypothetische scenario dacht ik onlangs uit omdat een Aarde 2 ons zou uniformeren. Natuurlijk moest het eindigen met een dubbele bodem. Ik stel me graag voor dat we solidair worden als onze belangen veranderen. Ook denk ik dat de besluitvoering onder druk tot een negatieve uitwerking leidt. Wat denk jij dat er gebeurt bij de aanwezigheid van een Aarde 2?




Stopsteen

De sekimori-ishi. Hieronder leen ik de uitleg van Mori haar blog. Om hierna uit te leggen waarom dit geniaal is.

WHAT IS “SEKIMORI-ISHI” (関守石)? -森のひとやすみ
It is placed on the branch road of the tea garden and means ‘Please refrain from entering here.’

SEKIMORI(関守)= “barrier keeper”
ISHI(石)= “stone”

It is also called TOMEISHI (止石)
TOME(止)= “stop”
ISHI(石)= “stone”

Exactly nature traffic sign.
Er staan nog maar een paar posts op haar site, maar ik hoop dat ze eraan toevoegd.

De volgende woorden zijn weer de mijne:

Ja, de steen ligt inderdaad mooi in de natuur.

Nee, niet iedere gaijin (toerist) gaat snappen wat dit betekent. In mijn ervaringen in Japan spreken Japanners inderdaad geen Engels tenzij ze moeten. Maar aangeven wat de regels zijn is de zuivere uitzondering. Geen verlegenheid te bespeuren.
Zo ben ik ooit als zwangere aangesproken in het Japans omdat ik in de bus op een stoel zat die bedoelt was voor zwangere vrouwen. Mijn buik zal niet dik genoeg hebben geleken. Ik verstond deze man niet. Maar ik stel me voor dat, als ik mijn zwangere buik even goed had laten zien, deze man eindeloos door de grond zou willen zakken.

Terug naar de steen.

Hij doet me denken aan de steen uit Spirited Away (2001) van Studio Ghibli. In de film komt het gezin een steen met een gezicht tegen. Het passeren ervan brengt ze in een andere wereld, net zoals de ‘barrier keeper’. Het laat me afvragen of deze steen niet alleen iets tegenhoudt, maar een andere wereld aanwijst.
Zo wordt er veel rekening gehouden met de geesten in Japanse tuinen. Rode bruggen zijn vaak niet voor mensen, maar uitsluitend voor geesten. Als je de film kent, kun je hier nu weer een scene ophalen.
We kijken over de steen naar een plek die niet voor ons is. Is het vreemd dat ik het verfrissend vind dat er een tuin is die niet voor mensen is bedoelt?!

Het draait even niet om ons.

Hanamaru

Ze gaf me mijn blad terug. Met rode pen waren een paar hiragana gecorrigeerd. Blijkbaar zijn mijn sa (さ) en ki (き) toch iets te schuin geschreven. De begroetingen had ik goed vertaald. Die waren niet lastig. Onderaan stond een soort cirkel. Vergelijkbaar met de Nederlandse kringel die wij gebruiken als antwoorden goed zijn, maar dan rond.

Sowieso is een cirkel het symbool voor goed (maru) op een toets. Fout is, net als bij ons, een kruis (batsu). Maar toen ik zocht naar de decoratie rond de cirkel las ik over de hanamaru, de bloem die de docent tekent bij een perfecte score. Des te uitgebreider de hanamaru, des te beter je antwoord was.

Ik vind het mooi dat de waardering terug te zien is in de bloem. Dat hebben we op de Nederlandse scholen niet. Als de kringelslinger langer is, dan is dit geen teken van waardering. De moeite die in de hanamaru zit wel. Het duurt de docent langer om te tekenen, dus wordt er een duidelijk oordeel gevormd bij de docent. Die vervolgens een handeling heeft om waardering te uiten.
Het is klein. Kijk naar de moeite die wordt genomen. Iets groter, en we zien het terug in een e-mail versus een appje. Een kaart versus een e-mail. Een brief in plaats van een kaart. De moeite die iemand erin steekt toont de waardering.
In een samenleving waarin we geliefd willen zijn, zou je denken dat we meer brieven schrijven.

De vrijheid van minder

De afgelopen tijd doen we met minder. Dat leek al voorspeld. Toen ik eind december de voornemens aan het doornemen was voor januari, dacht ik aan meer. Ieder jaar richt ik me op waar ik meer van wil, en niet waarop ik met minder genoegen wil nemen. Met een strakke, ambitieuze planning als gevolg. Bijvoorbeeld een uurtje lezen voordat we gaan slapen, moet kunnen. In praktijk wordt dat uurtje hooguit dertig terwijl je kiest tussen je leesdoel en genoeg slaap. De slaap wint meestal.

Maar per de lente besloot ik te stoppen met werken. Hoewel dat iedere maand een wijzer besluit lijkt, is het niet zonder consequentie. Blijkt dat het salaris niet doorloopt. Ik wist dat ik dit de eerste maanden niet erg ging vinden. Want voor een leven met meer tijd voor mijzelf en mijn missie (filosofie) moeten offers gebracht worden. Zeker in het begin is die overtuiging helder en uit liefde. De dip zou op langere termijn komen. Maar die dip bleef uit.

Bewuster. Minimalistisch. Intentioneel.
Als deze drie waarden mijn intentie zijn voor 2025 dan slaag ik makkelijk. In veel opzichten heb ik minder als bevrijdend ervaren. Ik kan niet zeggen dat ik nu wat tekort kom. Met de uitgaven die ik eerst deed, kocht ik geen oplossingen maar juist de problemen. Van de plek waar je de spullen laat tot het schuldgevoel als je ze niet genoeg benut (zoals kleding of streamingsdiensten). Of juist onnodig geld uitgeven en daar achteraf spijt van hebben. Al dat geld had op de spaarrekening gekund! Het had mijn boek kunnen bekostigen. Of een vakantie.     

Het principe dat minder ruimte maakt voor meer vrijheid, is een patroon aan het worden. Ik zie het terug in mijn capsule wardrobe met een limiet op kleuren en items. Dit schept de ruimte om met een eenduidige visie te werken. Dat ik nu nauwelijks nog puzzel voor een outfit, zie ik als bijvangst.
Ik kan zelfs de lijn doortrekken naar de grote schaal. Eindigheid van het leven maakt dat wat we kiezen tijdens het leven van waarde. Die eindigheid is onze vrijheid.

Ma – De leegte tussen de dingen

Ik werk met keramiek. Hierbij laat ik me inspireren door Japans keramiek zoals de kayari buta, de keramische big waarin een wierrook spiraal kan die muggen verjaagd. Ook kijk ik in musea graag naar de chawan, de kom waarin matcha wordt bereid. In die laatste nog meer dan de big, zijn de bewegingen van de maker zichtbaar.

Theekom van Ogata Kenzan, halverwege de 18de eeuw:


Volgens de beschrijving van het Metropolitan Museum of Art, staat deze chawan in het teken van nieuwjaar. De bladeren zijn van een naaldboom. Eigenlijk bungelt de afbeelding op het randje van wel of niet begrepen worden. Hierin toch houvast vinden en zelf de betekenis geven, dat maakt het zo aantrekkelijk.

Een kayari buta, afkomstig van Kokoro media:


Noot: Dit is geen big die op het pottenbakkerswiel is gedraaid. Door de rimpelingen moet je wel in dat effect geloven. Bij gebrek aan een betere foto.

De big steelt uiteraard de show waardoor de lijnen op het buikje niet de centraal staan in het ontwerp. Ik waardeer ze alsnog.

Hiermee begint mijn missie. Die lijnen wil ik ook kunnen verwerken in wat ik maak. De zichtbaarheid dat het werk niet is gepolijst tot perfectie (westers!) maar ook weer niet zo grof dat het eruit ziet als een kleuterwerkje van een volwassene. Die toevoeging, van een volwassene maakt al het verschil. Kleuterwerkjes gemaakt door kleuters zijn namelijk heerlijk om naar te kijken.
Met de missie komt ook de eerste hindernis. Het lukt niet. Mogelijk komt dat omdat het mijn eigen imperfecties zijn en ik daarom niet gewend ben om ze in een ander, mooier licht te zien. Het voelt te gemaakt. Niet alsof het vanuit de kunst gebeurt, maar wel met gekunstelde intentie om het na te maken.

Let wel, ik gebruik zelf geen wiel. Dus die spiraal is uitgesloten. Alles wat ik maak doe ik door te handvormen. In eerste instantie wilde ik veel liever achter het wiel. Waarom? Dat had te maken met het stereotype van een pottenbakker. Maar na een workshop handvormen had ik door dat dit een prima basis is om het materiaal te leren kennen.
Inmiddels wil ik het wiel niet meer. Op een wiel kun je alleen gedraaide en dus ronde vormen maken. Terwijl handvormen álle vormen toestaat, inclusief de verschillende technieken om klei eerst leerhard te laten worden, alvorens een constructie of textuur te maken.

Mijn vermoeden is dat ik minder moet doen. Wijzer zijn en weten wanneer los te laten, in plaats van vast te pakken. Want wat ik bewonder, is de afwezigheid van een afwerking. Het uitblijven van die perfectie. Dit is Ma voor mij. De leegte, de afwezigheid, de stilte, de pauze. Het is dat wat contrast aanbrengt. In plaats van meer van iets te willen, ga ik proberen terug te schakelen naar minder.

Hier volgt niet de beste foto, maar het is beeldvormender dan geen foto:

Bij de lessenaar staat de filosoof Michel Dijkstra. Hij schreef meerdere boeken over oosterse filosofie en westerse mystiek. Ik zag hem op een avond van de Kultuurwerkplaats in Oosterbeek en ik vond hem al snel een ontzettende nerd. Voor wie mij niet kent: dat is de S-tier in mijn innerlijke hiërarchie.
In zijn lezing kwam het niet-doen terug. Niet te verwarren met niets doen. Hierbij dacht ik aan Sartre met Het zijn en het niet (L’Être et le Néant). Vanwege het existentialisme en mijn ervaringen, ben ik nieuwsgierig naar dat niet-zijn en daarmee ook naar het niet-doen. De grens opzoeken tussen aan- en afwezig, dat vind ik interessant. Daar wil ik een andere keer graag meer over schrijven.

Maar voor nu, even het niets:

CHONGQINGPUNK

Met zijn zonnebril, wandelstok en grunge outfit zag hij eruit alsof hij uit Cyberpunk kwam. Op het Youtube kanaal staan allemaal shorts met geknipte uitspraken in een megalomane stad in Chonqing China. De beeldkwaliteit is laag, waardoor ik lang staarde om te beoordelen of ik nu naar AI materiaal keek of niet. Maar Peter -het doet de Cyberpunk vibe geen recht- bestaat echt. In zijn long form content heeft hij heldere glazen en iets daaraan ziet er verkeerd uit. Het zijn de shorts die me intrigeren.

In korte video’s worden onsamenhangende uitspraken bij elkaar geplakt. Of, nou ja, onsamenhangend… Probeer de samenhang te zoeken en dan ontdek je jouw eigen gedachten. Ik vind het geweldig. Een wending na iedere zin.

Een voorbeeld.
https://youtube.com/shorts/is13UFEhfBI?si=Naeeck1__z0wqNnB (12 sec.)
https://youtube.com/shorts/bJB5jiWin5c?si=d-vN6Q7z44NNxL81 (20 sec.)

Ik entertain het idee om eens een soortgelijke video te maken. Maar ik zou niet eens weten waar je begint om een script te maken. Is het een filosofisch idee, waarover je losjes schrijft en dan de interessante zinnen highlight om ze aan elkaar te knopen? Het klinkt als een plan. Ongetwijfeld heb ik outfits in de kast liggen die een stilistische draai geven aan het personage. Want dan ben ik niet mezelf, stel ik voor. Alleen nog een zonnebril, of iets dat het laat lijken alsof je met een AI te maken hebt. En in mijn geval misschien ook een pruik…

Let’s go!

Leven in het seizoen

Japan kent 72 microseizoenen verdeeld in 24 thema’s. Ze worden gekenmerkt door de natuurlijke momenten van het jaar. Van bloeiende irissen tot haviken die leren vliegen.
Vanaf 23 augustus zitten we in Shosho, waarin de hitte begint te dalen en de rijst begint te rijpen. Gisterochtend was het zes graden en sloot ik de deuren tegen de tocht.
Vandaag zou het weer 27 graden worden met zon. Ik vrees dat de microseizoenen niet helemaal meer kloppen door klimaatverandering.
Vanaf 8 september start Hakuro, dat met drie microseizoenen in het teken van witte dauw staat. Ook vertrekken dan de zwaluwen.

Alle microseizoenen: Japan’s 72 Microseasons | Nippon.com

Ik organiseer mijn agenda zodat ik meer ‘in het seizoen’ kan leven. Hiervoor zitten er bij iedere maand bladwijzers waarop de groente van het seizoen op de ene kant staat, en het fruit op de andere. Die gebruiken we voor het bedenken van het avondeten of het schoolfruit. Appels en peren zijn bijna altijd in season in Nederland. Ik vind het vooral leuk om herinnert te worden aan rabarber, aardbeien en asperges.

In januari plan ik ook de jaarlijkse taken in. Zoals een voorjaarschoonmaak waarin we ook de kelder leegtrekken en de dakgoten die in de herfst een paar keer gecheckt en schoongemaakt moeten worden. Wanneer wil ik mezelf herinneren aan de voorbereiding voor feestdagen en verjaardagen? Een goede voorbereiding is het halve werk.
Voor mijn gevoel vliegen de jaren steeds sneller voorbij. Door frequent naar de natuur te kijken krijg ik meer grip op het verstrijken van tijd. Want als je niet bewust bent, is het moment voorbij. Verassend genoeg kijk ik op jaarbasis om in het moment te kunnen leven.

Die manier van plannen ontstak het idee om een agenda te ontwerpen. Eentje in thema met het (micro)seizoen. Inclusief voorgestelde bezigheden, (filosofische) citaten, bloei- en oogstperiodes. Niet om strakker te plannen maar om in contact te komen met de natuur. Het is een project dat ik na mijn studie verder wil ontwikkelen. Ik verwacht januari 2027 niet te halen, maar 2028 is realistisch.


De week van de atoombom

Morgen is het tachtig jaar geleden dat de atoombom op Nagasaki viel. De eerste viel op 6 augustus 1945 op Hiroshima. Geschiedenis is niet helemaal mijn onderwerp. Dus wordt dit geen geschiedenis lesje.

Afgelopen week zag ik het artikel op nu.nl voorbijkomen: Waarom de atoombommen juist op Hiroshima en Nagasaki vielen | Achtergronden | NU.nl en gisteren kwam ik langs het fragment op Insta dat diepe indruk maakte. Ik sloeg het op, zoals ik tegenwoordig met alles doe wat me laat denken, zodat ik het later kan terugzoeken. Het zijn geknipte scenes uit de anime Barefoot Gen (1983) over de atoombom. Je ziet Little Boy vallen en hierna als eerst de mensen. Een postbode. Een oude man. Een moeder met een jong kindje op de rug. Na een flits verbranden ze binnen enkele seconden en landen als verkoold hoopje op straat. De moeder probeert haar kindje nog te pakken. Kinderen in klaslokalen worden geraakt door spattend glas. Pas daarna zie je instortende gebouwen en vallende bomen. Het is dat het een 2D animatie is, anders hadden deze beelden niet gekund.

Het fragment op Insta: https://www.instagram.com/reel/DLFTiOUTFR0/?utm_source=ig_web_copy_link&igsh=MzRlODBiNWFlZA==

Barefoot Gen kwam uit in 1983, in dezelfde periode als de film Grave of the fireflies in 1988, van Studio Ghibli. Die laatste ging over een bombardement, al was het niet de atoombom. Hier had ik geen idee van toen ik hem tijdens een griepje opzette rond 2012. Ik kende Studio Ghibli net van Spirited away en Tonari no Totoro en verwachte een kinderfilm. Koortsig ging ik door de eerste scene waarin de moeder van de hoofdpersonen verbrand in een gekunsteld ziekenhuis ligt.

Afgelopen jaar keken we het interview met een 92-jarige overlevende: https://youtu.be/r1O9XD55Z8w?si=kLFYgl4yh21_FbLy. We verwonderden ons over de objectieve blik waarmee Nishioka Hiroshi de gebeurtenissen omschrijft. Hij legt uit over de spanningen van de ABCD-line, een concept dat ik niet kende tot dit interview. Voor de uitleg dwing ik je het interview te kijken, want Nishioka Hiroshi legt het het beste uit. Spoiler: De D staat voor Dutch. Hoe hij zijn ervaringen verwerkt, door erover te spreken, niet te oordelen. Het is levenskunst.

In de voorbereiding voor onze Japanreis stond Hiroshima en het vredesmonument al op de kaart met een prikker. Het gebouw dat nog staat is ter herdenking aan de slachtoffers en voor vrede. Met deze week duw ik het prikkertje verder in het kurk. Ik wil erheen, om over te schrijven.

Vanmorgen, voor het noteren van een uitspraak zocht ik naar de werken van Jules Deelder. Toen las ik dat zijn eerste poëzie op 11-jarige leeftijd werd neergepend:

Hoort, men werpt een atoombom

Een oude droom

Disclaimer: Schrijversblindheid! Deze tekst is nog niet teruggelezen op mogelijke gaten aan informatie om er een lopend verhaal van te maken. Nu bestaan de teksten op deze site op voorwaarde dat er geen lezer is.

Middenin mijn studententijd kreeg ik een bedrag op mijn bankrekening. Ik was vergeten dat dit kwam en had ineens geld om een vliegticket te kopen naar de andere kant van de wereld. Ik koos Japan en in het hostel ontmoette ik een Fransman en Amerikaan die beiden solliciteerden als docent Engels om daar te kunnen wonen en werken. De banen waren schaars, maar haalbaar. Ze bevolen me Genki aan, een studieboek Japans. In Nederland begon ik aan de lessen in het handboek.

Mijn relaties rond die tijd zagen vooral veel in een vakantie en ik duwde mijn zin niet door. In plaats daarvan tekende en schilderde ik met de beelden die me beïnvloed hadden. Koi karpers, bloesem en kayari buta. Hierna volgde een flitsrelatie en een ongeplande zwangerschap. In een periode van een paar weken was ik mijn relatie, huis en werk kwijt. De tijd die ik hiervoor terugkreeg stak ik in een tweede reis omdat het hierna een aantal jaar niet meer zo makkelijk kon. Soms dacht ik aan de fysieke afstand tot thuis. Die begon veilig aan te voelen en uiteindelijk kwam het uitzicht van de terugvlucht en waar ik naar terug ging. Mijn oudste werd geboren en mijn verwachting van de jaren erna klopte.

Op Youtube zag ik af en toe nog video’s voorbijkomen van mensen die in Japan waren gaan wonen en werken. Mijn rijinstructeur zei dat, als ik daarvan droomde, dat ik me toch door een co-ouderschapsstrijd moest worstelen om te vertrekken. Dat heb ik niet gedaan. Los van deze grootste hindernis, waren er nog meer die grotendeels met geld te maken hadden. Tussendoor las ik boeken zoals Clara and the sun (2021) van Kazuo Ishiguro, Tokyo Ueno Station (2014) van Yu Miri en Night train to the stars (1927) van Kenji Miyazawa. Een paar keer deed ik een poging om het Hiragana en Katakana alfabet te leren. Terwijl mijn tweede al was geboren las ik het drieluik Geleefde brieven, Prometheus en Ikaros (2012) van Floris van den Berg. In dit verhaal werkt de hoofdpersoon toe naar een studie in Japan. Het eerste boek stopt vlak voor vertrek. Ik sloeg het dicht en rumineerde. Dit was precies wat ik had willen doen maar niet deed. Ik heb een week rouwend door het huis gebanjerd voordat ik aan het volgende boek begon. Had ik dat maar eerder gedaan! Zonder spoilers kan ik zeggen dat het vervolg me troostte. Ik kon hiermee mijn droom niet doorleven, maar mijn terugkeer had ik nooit uitgedacht. Hiermee ontstond het idee om een filosofische reis te maken als afstudeerproduct voor mijn opleiding.

Dit is de fase waar ik nu in leef. Het idee is losjes gepeild bij een paar docenten. De Japanse lessen starten in september. Japanse filosofie (2024) van Michel Dijkstra wordt gelezen als een bijbel en mijn oude Lonely Planet is in stukjes geknipt. Het nieuwste reisboek is gereserveerd in de bieb. Vanmorgen zat ik in een workshop Succes boeken met je boek van Helga Aerssens. Mijn idee om een reisverslag te maken van een filosofische reis werd steeds duidelijker een passieproject. De overweldiging die ik bij onuitgesproken angsten voelde is omgevormd in een haalbaar product dat ik neer kan zetten. Er kwamen veel concrete stappen uit, zoals een mock-up en het opstellen van een schrijfplan. Komend najaar ben ik in vorming. Oefenen in de droom.