Afgelopen week schrok ik van de timer. Die had ik vijftien minuten ervoor zelf ingesteld, maar onderschat met welk volume hij zou afgaan. Intussen was ik bezig met een écrire automatique, een oefening om op gang te komen met schrijven waarin je voor een korte periode de pen niet van het papier haalt en schrijft wat er in je opkomt. Mijn schrik is zichtbaar in het laatste woord.
Het besef dat ik geen controle had over mijn reactie verwonderde me. Er was geen moment waarop ik besloot te schrikken. Het gebeurde gewoon. Had ik het voorkomen als mijn gedachten meer bij de timer waren geweest? Waarschijnlijk een beetje.
Voordat ik ’s ochtends opsta, lees of kijk ik iets om mijn dag met een rustig hoofd te beginnen. Dit is een gewoonte geworden, maar zeker in mijn slaapdronkenschap heb ik soms de neiging om het nieuws mee te krijgen. De titels alleen maken al iets los dat ik niet wil. Zo zei mijn docent Media dat de media niet bepaalt wat mensen denken, maar wel waarover gedacht wordt. Hoe vrijwillig denk ik over het wereldtoneel na als ik ’s ochtends opsta met het nieuws?
Ik denk terug aan Schopenhauer in Theaters Tilburg. Een productie van Stefaan van Brabandt waarin Schopenhauer tot leven komt en onder andere praat over ‘die Wille’. Er is toch iets dat macht heeft over mij. De wil kon me niet beschermen tegen schrik maar wel kiezen voor een andere ochtendinvulling dan het nieuws.

Beeld van Koen Broos.

